Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

  • -
  • +

Home » Onderwerpen » Dierziekten » Q-koorts » Maatregelen voor besmette bedrijven

Maatregelen voor besmette bedrijven

Pagina laatst bijgewerkt op 14 juli 2010.

Maatregelen

Vanaf 15 juli gelden op besmette bedrijven de volgende maatregelen:

  • Het verplichte tankmelkonderzoek gebeurt bij besmette bedrijven één keer per 2 weken.
  • Op bedrijven die voor 1 juni 2010 besmet zijn verklaard, geldt voor alle achtergebleven geiten en schapen een levenslang fokverbod. Op bedrijven die na 1 juni 2010 besmet zijn verklaard, geldt uitsluitend een levenslang fokverbod indien niet voor alle dieren op het moment van besmetverklaring aan de vaccinatieplicht is voldaan. Het levenslange fokverbod wordt in het I&R-systeem vastgelegd.
  • Het aanvoerverbod wordt op 15 juli 2010 ingetrokken. Vanaf dan is het toegestaan om tijdig en volledig gevaccineerde dieren van vrije bedrijven aan te voeren. Met deze dieren mag ook worden gefokt Let op: het uitbreidingsverbod en het verbod op nieuwvestiging blijven wel gelden (zie onder).
  • Het aantal geiten en schapen op het bedrijf mag, behoudens enkele uitzonderingen, niet meer zijn dan het aantal dieren dat in het kader van de novembertelling van 2009 is aangegeven bij de Dienst Regelingen van het ministerie van LNV.
  • Zieke of verdachte dieren mogen op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD) niet worden verplaatst. Verdachte en besmette bedrijven mogen dieren wel afvoeren naar het slachthuis. Dieren jonger dan 4 maanden mogen ook naar opfokbedrijven worden afgevoerd en dieren jonger dan 4 weken mogen worden afgevoerd naar een afmestbedrijf.
  • Het verwijderen van mest uit de stal is verboden vanaf het moment dat het bedrijf besmet is verkaard tot 30 dagen na het einde van de lammerperiode.
  • Mest die verwijderd wordt uit de stal moet gedurende 150 dagen afgedekt worden opgeslagen op de locatie waar de mest is geproduceerd.
  • Bedrijven zijn verplicht een administratie bij te houden van de lammerperiode en van de data waarop de stal wordt uitgemest, begin- en einddatum van de composteringsperiode, en de datum van het uitrijden van de mest op het land. In deze administratie worden de hoeveelheden mest vermeld, uitgedrukt in kubieke meters. De administratie moet 2 jaar worden bewaard.
  • Hygiënemaatregelen: ongedierte op het bedrijf moet bestreden worden, bedrijven die rauwe melk (of rauwmelkseproducten) maken moeten de melk pasteuriseren, e.d.
  • Vaccinatieplicht: alle schapen en geiten op het bedrijf moeten in principe vóór 1 juni 2010 zijn ingeënt tegen Q-koorts. Dieren die niet vóór 1 juni konden worden gevaccineerd omdat ze de leeftijd van 3 maanden nog niet hadden bereikt, moeten vóór 1 januari 2011 worden gevaccineerd. Deze dieren moeten in ieder geval 2 weken voordat ze een dier dekken of gedekt worden, zijn gevaccineerd. Het aantal gevaccineerde dieren moet worden gemeld aan de GD. Daarnaast moet vaccinatie van ieder dier worden vastgelegd in het I&R systeem. Schapen en geiten die voor het eerst worden gevaccineerd, moeten tweemaal worden ingeënt met een tussenpoos van tenminste 3 weken. Dieren die voor 16 december 2009 al gevaccineerd zijn, krijgen één herhalingsvaccinatie. De vaccinatieplicht geldt niet voor dieren die in 2010 worden geboren en ook dit jaar worden afgevoerd naar de slacht. Deze niet-gevaccineerde dieren mogen in de tussentijd niet worden ingezet voor de fok.
  • Op grond van de Gezondheids en Welzijnswet voor Dieren (GWWD) zijn houders en dierenartsen verplicht verschijnselen van een besmettelijke dierziekte te melden bij de nVWA. Een afwijkend aantal abortussen is één van de kenmerken van Q-koorts op een geiten- of schapenbedrijf. Daarom moeten geiten- of schapenhouders afwijkende aantallen abortussen melden bij de nVWA. Na melding doet de nVWA onderzoek op het bedrijf. Onderdeel van dit onderzoek is een test op de aanwezigheid van de Q-koortsbacterie.
  • Er geldt een bezoekersverbod voor de stallen waar geiten of schapen gehouden worden en voor de ruimte er omheen. Alleen mensen die voor hun beroep of bedrijf op het bedrijf langskomen, mogen in stallen van besmette bedrijven komen.
  • Alle schapen en geiten op het bedrijf (dus ook de dieren jonger dan 6 maanden) moeten binnen 14 dagen na de besmetverklaring worden geregistreerd in het I&R systeem. Verder moet per dier worden vastgelegd of het dier is gevaccineerd en of het dier een levenslang fokverbod heeft.

Wanneer maatregelen, bijvoorbeeld het uitmestverbod, tot grote problemen leidt, neem dan op tijd contact op met de nVWA.

Meer informatie