Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

  • -
  • +

Home » Onderwerpen » Duurzaam ondernemen » Maatschappelijk verantwoord ondernemen » Duurzame ontwikkeling en LNV » Bio-based economy

Bio-based economy

In de bio-based economy - oftewel de groene economie - staat het gebruik van biomassa voor non-food toepassingen centraal. Biomassa kan bestaan uit plantaardige en dierlijke restproducten. Non-food toepassingen zijn bijvoorbeeld transportbrandstoffen, chemicaliën, materialen, elektriciteit en warmte. Voor Nederland biedt vooral het gebruik van reststromen uit de primaire sector - de glastuinbouw, veehouderij en akkerbouw - en de voedselindustrie kansen.

Platform Groene Grondstoffen

Het Platform Groene Grondstoffen geeft in haar Groenboek Energietransitie aan dat in 2030 dertig procent van de gebruikte grondstoffen groen zou moeten zijn. Het Groenboek Energietransitie is in april 2007 aan minister Verburg overhandigd. Het is vervolgens een inspiratiebron geweest voor de Overheidsvisie op de Bio-based Economy in de energietransitie die minister Verburg mede namens de ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu ( VROM), Ontwikkelingssamenwerking, Economische Zaken ( EZ) en Verkeer en Waterstaat ( VenW) in oktober 2007 aan de Tweede kamer heeft gezonden.

De kern van de overheidsvisie is het optimaal verwaarden van biomassa. Dat houdt in dat door middel van bioraffinage alle delen van de plant, ook de niet-eetbare delen optimaal benut worden. Door tegelijkertijd in te zetten op producten met een hoge toegevoegde waarde, zoals bioplastics en de rest in te zetten voor transportbrandstoffen, elektriciteit en warmte, wordt de biomassa volledig benut. Er is veel voor nodig om dit op grote schaal en voor nieuwe toepassingen te realiseren. De transitie naar een bio-based economy vraagt een omslag in denken én doen die overigens door een aantal partijen al is ingezet.

Naar boven

Producten

De bio-based economy als thema is niet nieuw. Al eeuwenlang worden agrarische producten als grondstof van allerlei materialen voor non-food toepassingen gebruikt. Voorbeelden daarvan zijn linnen, het gebruik van plantaardige oliën om verf te laten drogen en linoleum uit lijnzaad. Vanwege de klimaatproblematiek en de afhankelijkheid van het schaarser en duurder worden van fossiele grondstoffen komt de bio-based economy in een stroomversnelling. Het gaat daarbij om nieuwe toepassingen en vooral om veranderingen in schaalgrootte.
De huidige kennis van de biochemie maakt het mogelijk om producten en materialen van 'groene' grondstoffen te maken in plaats van fossiele brandstoffen. Ook kunnen er via nieuwe processen en met hulp van micro-organismen nieuwe producten worden gemaakt. Belangrijke nieuwe toepassingen voor het gebruik van biomassa zijn:

  • Kunststof: bijvoorbeeld het gebruik van agrovezelcomposieten in autodeuren, bio-afbreekbaar plastic uit maïs en weekmakers uit suiker voor plastic. Deze toepassingen vereisen een samenwerking tussen de agro-industrie met chemische bedrijven;
  • Transportbrandstof: bijvoorbeeld bio-ethanol uit rietsuiker. Nadelen zijn de hoge kosten en beperkte milieuvoordelen. Daarom wordt er gewerkt aan een nieuwe generatie bio-brandstoffen, waarbij ethanol gewonnen wordt uit goedkope reststromen als stro, resthout en bermgras;
  • Productie van warmte en elektriciteit via co-vergisting van biomassa (biogas) en nieuwe processen zoals Hydro Thermal Upgrading ( HTU). Hierbij wordt biomassa omgezet in biocrude dat geschikt is als grondstof voor diesel of kerosine.
Naar boven

Voor- en nadelen

Het gebruik van groene grondstoffen draagt bij aan de oplossing van het klimaatprobleem, het verminderen van de afvalstromen en het terugdringen van de verspreiding van milieugevaarlijke stoffen. Het maakt de wereld minder afhankelijk van fossiele grondstoffen. Daarbij wordt de economische concurrentiepositie van het bedrijfsleven versterkt.
Het belangrijkste nadeel is dat de kostprijs op het ogenblik hoger is dan die van producten uit aardolie. De verwachting is dat het rendement de komende jaren fors kan worden verbeterd.

Naar boven

Meer informatie